Impact in de tussenruimte: Waarom we de SDG’s moeten inruilen voor Systeem-Logica

Ik merk het steeds vaker in de gesprekken in mijn “impact-communicatie-bubbel”: er borrelt een diepe frustratie onder de oppervlakte. We zitten gevangen in een vreemde paradox. Aan de ene kant produceren we meer impactrapporten, jaarverslagen en kleurrijke SDG-dashboards dan ooit tevoren. Aan de andere kant voelt de werkelijke verandering stroperig en traag. We zijn kampioenen geworden in het tellen van wat we doen, maar ergens onderweg zijn we de weg kwijtgeraakt in wat die cijfers eigenlijk betekenen.

We bevinden ons momenteel in een soort van ‘tussenruimte’: een plek waar de oude regels van onze economie niet meer werken, maar de nieuwe nog niet volledig geschreven zijn. In die ruimte hebben we niets aan de blinddoek van de huidige meetcultuur. Het is tijd om de focus te verleggen van het afvinken van symptomen naar het transformeren van systemen.

De valkuil van de Dashboard-economie

Onze huidige manier van werken is een product van de ‘dashboard-economie’. Het is een wereldbeeld waarin we onszelf wijsmaken dat alles wat telt, ook telbaar moet zijn. We vinken de Sustainable Development Goals (SDG’s) af alsof het een boodschappenlijstje is. “Kijk, we doen iets aan doel 12 en doel 13, dus we zijn goed bezig.”

Maar laten we eerlijk zijn: in veel bestuurskamers zijn de SDG’s verworden tot de ultieme afvinklijst voor business as usual. We gebruiken ze om de machine een beetje beter af te stellen — de zogenaamde optimalisatie — terwijl die machine zelf fundamenteel aan het vastlopen is.

Het probleem is dat we met onze huidige methoden alleen de ‘output’ meten. We kijken naar de getallen onder de streep, maar we negeren de richting waarin we bewegen. Stel je een bedrijf voor dat trots meldt dat ze 10% minder plastic gebruiken. Dat klinkt goed op een dashboard. Maar als datzelfde bedrijf nog steeds werkt vanuit een logica van onbeperkte groei, korte termijn winst en het uitputten van mens en natuur, dan zijn we slechts de ondergang aan het vertragen. We maken de lineaire economie ‘iets minder slecht’, in plaats van een regeneratieve economie te bouwen.

Echte impact gaat niet over cijfers. Het gaat over de vraag: versterken we de oude wereld die kraakt, of bouwen we aan de nieuwe?

De verschuiving van de onderstroom

Om te begrijpen waarom onze huidige cijfers tekortschieten, moeten we een laag dieper gaan. We zitten namelijk niet in een technisch probleem dat we met een slimme app of een nieuwe Excel-sheet kunnen oplossen. We zitten in een paradigma-crisis.

Lange tijd hebben we de wereld gezien als een machine. Een machine die je kunt opdelen in losse stukjes, die je kunt beheersen, sturen en maximaliseren. In dat wereldbeeld is de natuur een voorraadkast waaruit we onbeperkt kunnen putten en is de mens een consument wiens belangrijkste taak het is om de economie draaiende te houden.

We bevinden ons nu in de grote verschuiving naar een nieuw wereldbeeld: een sociaal-ecologisch systeembeeld, althans dat hoop ik. We beginnen in te zien dat we geen eigenaars van de wereld zijn, maar onderdeel van een levend systeem. In de oude logica was ‘efficiëntie’ de allerhoogste waarde. Maar in een complex, levend systeem leidt die focus op maximale efficiëntie vaak tot maximale kwetsbaarheid.

Wat betekent deze paradigma-shift voor de manier waarop we impact maken? Het vraagt om drie grote bewegingen:

  1. Van objecten naar relaties: Het gaat niet om de losse onderdelen, maar om de verbindingen. Hoe beïnvloedt onze winst de lokale gemeenschap? Hoe hangt ons afval samen met de gezondheid van de bodem?
  2. Van controle naar adaptatie: We moeten stoppen met het idee dat we de toekomst kunnen ‘managen’. In een levend systeem leer je navigeren in onzekerheid. Je stuurt niet, je beweegt mee.
  3. Van extractie naar regeneratie: Het is simpelweg niet meer genoeg om ‘geen schade’ toe te brengen. Elke actie die we ondernemen, moet het vermogen van het systeem om zichzelf te herstellen vergroten.

Een nieuw kompas: De 15 assen van transitie

Visie zonder actie blijft een droom. Hoe maken we dit systeemdenken dan concreet? Hoe toetsen we een nieuwe campagne of een innovatief businessmodel aan de wereld van morgen?

Ik stel voor dat we afstand nemen van statische doelen en gaan werken met vectoren: de beweging van het oude paradigma naar het nieuwe. Ik heb 15 transitie-assen geïdentificeerd die samen het kompas vormen voor de regeneratieve toekomst. Elke as daagt ons uit om kleur te bekennen: beweegt deze oplossing ons naar de oude of de nieuwe wereld?

Economische transitie

  • Van winstgedreven naar waardengedreven: Is geld het doel, of het middel voor maatschappelijke bloei?
  • Van lineair naar circulair: Sluiten we de ketens of putten we de aarde verder uit?
  • Van globalisering naar lokaal: Versterken we verre afhankelijkheid of lokale veerkracht?
  • Van kwantiteit naar kwaliteit: Gaan we voor meer volume of voor meer betekenis?
  • Van bezit naar stewardship: Zijn we eigenaar of tijdelijk beheerder?
  • Van efficiëntie naar veerkracht: Hoe schokbestendig is deze oplossing?
  • Van afhankelijk naar zelfvoorzienend: Creëren we kwetsbaarheid of autonomie?

Sociale transitie

  • Van consument naar burger: Spreken we de ‘koper’ aan of de actieve ‘mede-creator’?
  • Van individualisme naar gemeenschappelijkheid: Voedt dit de eenzaamheid of de verbinding?
  • Van ongelijkheid naar gelijkheid: Wordt macht geconcentreerd of verdeeld?
  • Van hiërarchie naar netwerkgestuurd: Vertrouwen we op controle of op zelforganisatie?
  • Van technocratisch naar holistisch: Erkennen we ook de menselijke maat en intuïtie?
  • Van korte termijn naar lange termijn: Wat is de impact over zeven generaties?

Ecologische transitie

  • Van cultiveren naar natuurinclusief: Beheersen we de natuur, of werken we ermee samen?
  • Van extractief naar regeneratief: Herstellen we actief wat we aanraken?

Het wegen van de toekomst

Hoe gebruik je dit kompas? Het is geen afvinklijst, maar een audit. Door een project langs deze assen te leggen, ontstaat er een profiel — een ‘Transitie-web’. Het laat genadeloos zien waar je de oude wereld nog aan het reanimeren bent, en waar je werkelijk de tussenruimte durft te betreden.

Misschien ben je ecologisch heel sterk bezig, maar ben je sociaal gezien nog steeds consumentisme aan het aanwakkeren. Die eerlijkheid is nodig. Want als we de diepe systemische crisis waar we in zitten willen oplossen, moeten we stoppen met het optimaliseren van de fouten uit het verleden.

Het is tijd voor een nieuwe discipline in impact-land. Meten hoe hard we de oude muren afbreken en hoe stevig we de nieuwe fundamenten leggen. De toekomst is een richting die we elke dag opnieuw kiezen.